

STUKJES
zondag 29 januari 2012
Geen woorden maar daden
Vandaag was het Feyenoord-Ajax.
Een belangrijke wedstrijd.
Van tevoren riepen mensen van Ajax van alles in de media.
Frank de Boer in het Algemeen Dagblad: "Wij zijn beter dan Feyenoord."
Vurnon Anita in BN DeStem: "Wij zijn favoriet, wij zijn Ajax."
Gregory van der Wiel op Twitter: "020 is de baas in 010."
Feyenoord won met 4-2.
En de Feyenoord-supporters zongen: Geen woorden maar daden!"
©Eus
vrijdag 20 januari 2012

Plezier in vriendschap
Marina Schriek van De Opening kwam bij activiteitencentrum Ac-cent Zuid vertellen over plezier in vriendschap.
Ze vond het ‘helemaal top’ dat ik een stukje over de themabijeenkomst wilde schrijven.
Marina verzocht me wel actief mee te doen en in de kring te komen zitten.
Ik nam met mijn laptop plaats in de kring.
“Laat u die de hele tijd aanstaan?” vroeg mijn buurvrouw.
“Er zit een goeie batterij in”, zei ik.
Buurvrouw: “Dat bedoel ik niet. Ik heb pas een hersenschudding gehad en daardoor last van de straling die dat ding geeft.”
Ik zocht een ander plekje in de kring.
“Super dat jullie met zoveel gekomen zijn”, begon Marina. “We doen even een kort voorstelrondje.”
Eerst mocht Nellie. In haar eentje fietsen vond ze niks aan. Ze zocht dus iemand om samen mee te fietsen.
De rest was vooral gekomen uit nieuwsgierigheid.
Als laatste was Riet. Ze had heel veel vriendschappen gehad, vertelde ze.
“Maar ja, je wordt ouder en op een gegeven moment gaan ze allemaal dood, hè.”
Marina nam het woord. Ze vond het superleuk om met mensen te werken en had een visie ontwikkeld.
Die visie had te maken met kwantumfysica.
Marina zette een oranje bril op. “Alle ervaringen in je leven vormen een bril en iedereen heeft een andere bril.”
De term loslaten viel. En er waren vragen als: Wil ik gelijk hebben of wil ik gelukkig zijn? en Wat doe je als je vriendschap ontgroeit?
Het was tijd voor een oefening.
In tweetallen moesten de deelnemers iets over zichzelf vertellen, maar de ander mocht géén vragen stellen.
Eén vrouw had meteen allerlei vragen.
“Wat is het doel hiervan?”
“Moeten we al beginnen?”
“Wanneer moeten we stoppen?”
Daarna volgde een tweede oefening.
Deze keer mocht iedereen wél vragen stellen aan de ander.
Het kostte Marina nu meer moeite iedereen weer stil te krijgen.
“Kakelende kippen”, zei ze lachend. En ze kondigde een kwartiertje pauze aan.
Gastvrouw Willy sprak me aan. Het leek haar belangrijk qua publiciteit en zo dat ik ook een foto maakte van Marina.
“Oké”, zei ik.
Na de pauze maakte ik met mijn telefoon een foto van Marina.
De foto was nogal wazig. Mijn fout.
“En? Hebben jullie het ook over vriendschap gehad in de pauze?” vroeg Marina aan de zaal.
Hierna ging het over frequenties, energiesoep, de levensrivier, de ruimte tussen mensen en het vinden van het loslaatknopje.
Marina sloot af met een tip. Die luidde als volgt: Op het moment dat je meer of een leukere vriendschap wil… ga vriendschap geven!
Gastvrouw Willy vroeg wie er volgende week ook naar de tweede bijeenkomst kwam.
Vrijwel iedereen stak een vinger op.
En wie met Nellie wilde fietsen, die mocht zich melden.
©Eus
dinsdag 10 januari 2012

’Die zit in het pak’
We hadden Pam opgegeven voor het Bollo Peuteruurtje.
Bollo is de mascotte van Landal GreenParks. Hij ziet eruit als een beer en draagt meestal een groene hoed en een geel overhemd.
Met vier andere peuters zat Pam aan een grote knutseltafel.
Begeleider Bram legde uit hoe je een 3D-puzzel van Bollo moest knutselen.
Collega Kevin voorzag de kinderen van spekjes, ranja (‘stuiterdrank’ volgens Bram) en de aanwezige papa’s en mama’s van koffie of thee.
Iedereen was al snel klaar met knutselen.
“Waar zou Bollo toch zijn?” vroegen Bram en Kevin zich af.
“Weet jij het, Bram?” zei Kevin.
“Ik ga wel kijken of ik hem kan vinden”, zei Bram. Hij stond op en liep naar het indoorspeelparadijs.
En jawel, even later kwam Bollo zwaaiend binnen.
Een meisje begon te huilen.
Een jongetje kroop weg.
Van alle andere kinderen kreeg Bollo handjes, kusjes en dikke knuffels.
“Dan gaan we nu naar Bollo’s huisje”, zei Kevin. “Allemaal je jas aan.”
We gingen in optocht naar buiten.
Het huisje lag niet zo ver van de Daily Fresh! Park Shop en De Smulgaard (voor de lekkere snack).
Onderweg sprak ik Kevin aan.
Of we Bram niet moesten waarschuwen dat we Bollo inmiddels hadden gevonden. Anders bleef hij de hele tijd voor niks zoeken.
“Bram weet ervan”, fluisterde Kevin.
Hij keek om zich heen om er zeker van te zijn dat niemand ons hoorde. “Die zit in dat pak.”
Bij het berenhuisje deden de kinderen nog een dansje. En ze mochten op de foto met Bram, die dus in het pak zat van Bollo.
©Eus
woensdag 21 december 2011

Winnie de Poeh
We gingen met zijn vijven naar het filmtheater.
Drie meisjes: Carla, Fenne en Pam.
En twee jongens: Noud en Eus.
Bij de ingang van De Bussel sloten Lonneke en Faye aan.
Daardoor werd de stand: vijf meisjes en twee jongens.
Vandaag draaide de film ‘Winnie de Poeh’.
Ad van den Donk van het filmtheater hield een praatje.
Hij vertelde dat de film niet zo lang duurde.
Maar dat er wel een pauze was, want dat was gezellig.
Dan kregen alle kinderen snoep en ranja.
En voor slechts 50 cent ook een zakje chips.
Ad vertrok weer.
“Doei”, riep een kind uit het publiek.
“Doei”, zei Ad.
We zagen eerst drie trailers.
MegaMindy. Dolfje Weerwolfje. En een tekenfilmpje over Nessie.
Toen begon de film over Winnie de Poeh.
Het was een spannend verhaal.
Ezel Iejoor was zijn staart kwijt.
Pam had moeite met stilzitten.
Ze liep liever de trap op en af.
Dat mocht ze niet.
Pam werd boos. Ze begon te huilen.
“Je moet net doen alsof ze niet bij jou hoort”, gaf Lonneke als tip.
In de pauze was er roze en groene toverdrank (ranja).
En er stonden twee grote schalen met spekjes.
Noud had belangrijk nieuws.
Hij ging later met Fenne trouwen.
Gelukkig liep de film goed af.
Poeh vond de staart van Iejoor terug.
Die hing aan de bel bij de deur van Uil.
Einde.
Het licht ging weer aan.
In de hal stortten een paar kinderen zich op de schaal met overgebleven spekjes.
Zoals Winnie de Poeh op een pot honing.
©Eus
woensdag 14 december 2011

Aarderesonantie
De cafésessies van Paranormaal Café Oosterhout worden steeds gehouden op de derde woensdag van de maand van 20:30 tot 22:30 uur.
Deze keer waren Kees van Miert en Sandra Reijnders de gastsprekers.
En het thema van deze bijeenkomst was: Aarderesonantie.
Met z’n twintigen zaten we in de achterzaal van het Stadscafé.
Ruud Schmidtpott van de organisatie heette iedereen welkom.
Hij vertelde dat het minder druk was dan normaal.
Dat kwam wellicht omdat het vandaag de tweede woensdag van de maand was.
Hij gaf het woord aan Kees.
Kees droeg een rode trui met een rits.
Hij vroeg iedereen wat meer naar voren te komen. “Want we gaan met energie werken.”
Hij keek de zaal in en zei: “Voel maar eens hoe je hier nu zit.
Voel maar.”
Sandra zat achter hem in kleermakerszit met haar ogen dicht.
Ze hield een tak in haar handen.
Kees gaf een staaltje aarderesonantie weg.
Allerlei chakra’s openden zich als een prachtige bloem, volgens Kees.
En het energiewiel draaide.
Er was ook nog een fontein die het volledige aura doorspoelde.
Toen pakte Kees een trom en zong een lied.
Sandra zong hem na.
De tekst ging ongeveer zo: djaba galawa gwalanja badai, manjawa galidi malawa gadai. Enzovoort.
Na het lied was het stil in de zaal.
“Kijk of je terug kunt komen naar je hier en nu”, adviseerde Kees.
Hij vroeg of iemand misschien iets wilde zeggen over deze eerste ervaring met aarderesonantie.
“Ik kreeg het helemaal warm”, zei een man. “Van top tot teen.”
Kees zei dat het niet te beschrijven was wat je allemaal kan ervaren.
Sandra onderbrak hem.
“Als een appel,” fluisterde ze.
“Ja, dankjewel, Sandra”, zei Kees.
En hij vertelde verder over de schil en het klokhuis.
Kees wilde iedereen nog een keer de aarderesonantie laten ervaren.
“Chakra’s openzetten en wortelen maar”, spoorde hij aan.
In de pauze werd ik aangesproken door Ruud.
Hij wilde graag de kanttekening plaatsen dat Paranormaal Café Oosterhout deze avond alleen maar faciliteerde.
Na de pauze namen Kees en Sandra dezelfde positie weer in.
Alle deelnemers zaten nu in een kring om hen heen.
De man die het eerder helemaal warm had gekregen, was niet meer aanwezig.
“Een fascinerende avond tot nu toe”, begon Kees.
Iedereen mocht vragen stellen. Over chakra’s bijvoorbeeld.
Chakra’s zijn enegiepunten in je lijf.
Kees was heel blij dat ie weinig over chakra’s en zo had gelezen. “Ik ben gewoon gaan voelen.”
Er volgde nog een sessie aarderesonantie.
Daarna lieten de deelnemers een grote glazen knikker rondgaan.
Sandra had nog een tip. “Haal diep adem en geef jezelf die levensadem mee.”
“En neem de tijd om dit voor jezelf af te ronden”, besloot Kees.
De bijeenkomst over aarderesonantie zat erop. Langzaam ebde de energie weg uit de achterzaal van het Stadscafé.
©Eus
dinsdag 13 december 2011

maandag 12 december 2011

Connie Palmen
Op 11 november verscheen het nieuwste boek van Connie Palmen, Logboek van een onbarmhartig jaar.
Het gaat over haar overleden echtgenoot Hans van Mierlo.
De schrijfster gaf een lezing in de centrale vestiging van Theek 5 in Oosterhout.
Er kwamen meer dan 150 mensen op af.
“Ik ga toch maar staan”, begon Connie. “Anders ziet niemand me.”
Deze lezing was de eennalaatste van haar tournee door het land.
Ze voelde zich altijd wel veilig als ze onder de rivieren moest lezen.
“Het boek is geen dijenkletser”, legde ze uit. “Rouw is een extreme vorm van lijden.”
Connie had het boek geschreven omdat ze bang was te vergeten wat ze meemaakte na de dood van haar man.
Ze nam een slokje wijn. “Indrinken noemen ze dat, haha.”
Daarna las Connie voor uit het logboek.
PAUZE.
Bij de boekenkraam vormde zich van twee kanten een rij.
Connie signeerde.
Na de pauze het vragenrondje. “U mag alles vragen, ik kijk wel of ik er antwoord op geef.”
Er kwamen volop vragen uit het publiek.
Over de negatieve recensies.
Over schaamte.
Over de familie van Van Mierlo.
Connie beantwoordde ze allemaal.
En af en toe vond ze het tijd voor een slokje.
Een vrouw stond op. Het boek had haar veel troost gebracht na de dood van haar moeder. Ze bedankte Connie daarvoor.
“En daartoe ben ik op aarde”, zei Connie met een glimlach.
Nog een laatste vraag.
Connie sloot af. “Oosterhout, ik vond u een geweldig publiek.”
©Eus
zondag 11 december 2011

Utrecht uit, altijd gezellig
We vertrokken al om 10:30 uur met de auto.
Het was koopzondag in Utrecht. In de Twijnstraat was een heuse kerstmarkt. Bij een kraampje verkochten ze pompoensoep in meeneembeker voor slechts 3 euro.
Maar daar kwamen we niet voor. We kwamen voor Feyenoord. Dus op naar Stadion Galgenwaard.
Ik had een toegangskaart voor vak G, maar ik kwam per ongeluk op vak A terecht.
Tussen 200 kinderen, die net voor de aftrap op het veld een oproep tegen voetbalgeweld hadden gedaan.
Er werd gedurende de hele wedstrijd niet gevochten op de tribunes. De oproep was dus geslaagd.
Guidetti scoorde al na 2 minuten de 0-1 voor Feyenoord.
“Krijgen we dat weer...”, verzuchtte steward 104 op vak A. Hij sloeg boos zijn armen over elkaar.
Het volle uitvak zong massaal ‘Feyenoord, we houden van die club’, de topveertighit van de selectie van 1992.
Een mevrouw achter mij maakte zich kwaad om een schouderduwtje tegen een FC Utrecht-speler. “Hij werd helemaal opzijgeduwd”, krijste ze.
“Zag je dat? En die man doet er helemaal niets aan.” Met die man bedoelde ze vermoedelijk de scheidsrechter.
Ik moest denken aan het bekende gezegde: ‘Vrouwen horen niet bij het voetbal’.
In de rust verhuisde ik naar de vijfde verdieping van het stadion. Daar was ik te gast in de skybox van de firma
Hoffland Sloopwerken.
Een ober kwam binnen met een nieuw vat bier. “Die komt wel op”, beloofden de gasten in de skybox.
Nog enkele wedstrijdfeiten:
-De eindstand was 2-2.
-FC Utrecht-spits Leon de Kogel loste nul schoten op doel.
-Voor de neutrale toeschouwer was het een leuke wedstrijd.
Via de roltrap kwam ik beneden in de hal van het stadion.
Daar stonden twee promotiemeisjes: Marie-Clair (zonder e aan het eind) en Esmee (zonder streepje op de e).
Ze deelden aan iedereen een gratis verpakking
Supradyn Complex Energy uit, een soort vitaminekauwtabletten.
In de auto terug naar huis luisterden we naar Langs de Lijn op Radio 1.
Trainer Ronald Koeman werd geïnterviewd.
“In je laatste fase van je voetbal moet je concentratie hebben”, legde hij uit.
Daar had Ronald groot gelijk in, vonden wij.
©Eus
donderdag 8 december 2011
Oosterhoutse Beursvloer 2011
“Jij bent altijd welkom. Ik zorg dat er een badge voor je klaarligt.” Dat schreef Marleen Hemmer terug, toen ik mijn komst naar de Oosterhoutse Beursvloer
per mail had aangekondigd.
Marleen is intermediair van Samen voor Oosterhout en organiseert onder andere de jaarlijkse Beursvloer. Bedrijfsleven en maatschappelijke instellingen bekijken daar
of ze wat voor elkaar kunnen betekenen. Zonder dat er geld aan te pas komt. Is er een match gesloten, dan verdien je een wuppie op je kleding.
Ook deze derde editie van de Oosterhoutse Beursvloer vond weer plaats in de Mariakerk.
En mijn naambadge lag inderdaad klaar.
Marleen stond naast het podium. Ze droeg een vrolijk rood pak. Ze testte de microfoon met de vraag: “Kan iedereen even stil zijn?”
Dirk Antony Wahl, de voorzitter van Samen voor Oosterhout, sprak het welkomstwoord. Ook gaf hij aan dat iedereen nog partner kon worden.
Hierna vertelde Marleen dat ze een klein beetje ging uitleggen wat de bedoeling was. En dat deed ze. Partner zoeken, deal (match) sluiten via hoekmannen,
naar notaris toe en klaar. Ze dacht dat ze niets was vergeten en wenste iedereen een fijne middag.
De bediening ging rond met cake, appelflapjes en custardtaartjes.
Wethouder Willemsen van Economische Zaken nam het woord en zei iets over het bedrijfsleven in Oosterhout. Toen sloeg de wethouder op de gong.
Iedereen schrok ervan.
Marleen pakte nog even de microfoon. Ze was toch iets vergeten.
Met collega Ralph besprak ik het figuur van Marleen. Het rode pak stond haar goed, daar waren we het over eens.
Ik kreeg een hand van de voorzitter. “Jij moet eens een gedicht maken over Samen voor Oosterhout”, zei hij.
Ik lachte.
De deelnemers aan de Beursvloer hielden allemaal een bordje omhoog. Daarop stond hun aanbod vermeld. Workshop Speksteen. Vermelding website/PR.
Tuinwerkzaamheden. Jobcoaching. Podium voor dans en muziek. Besparingsconsult. Om maar wat te noemen.
Dienbladen met bier passeerden.
Een vrouw kwam naar me toe. “Eus, hè? Ja, ik heb jou op LinkedIn.”
Ik moest even goed kijken.
Ze bood een Workshop Mindfulness aan. Voor mensen die willen werken aan innerlijke ruimte. In haar folder stond de betekenis van mindfulness
beschreven: aandacht geven (opmerken) aan wat er hier en nu is. Maar ze moest nu weg. Haar dochter naar balletles brengen.
Ik merkte de bar op en bestelde heel mindful een koffie.
Nogal wat mensen liepen inmiddels met een wuppie op hun kleding. Maar de notaris kon naar eigen zeggen de stroom van matchformulieren goed bijhouden.
Op het podium deed een vrouw een oproep voor gratis af te halen aardperen voor de moestuin. Er kwam één man naar voren.
“Ho ho, niet allemaal tegelijk”, grapte de vrouw.
Ook werd nog omgeroepen dat je voor 1.000 euro founder van Samen voor Oosterhout kon worden.
De Beursvloer liep richting einde. Marleen telde hardop af: 5, 4, 3, 2, 1.
En ze vroeg of iedereen wat stiller kon zijn.
Twee mannen somden om de beurt de vijf leukste matches op. De Ladykantjes (dameskapel) kregen bloemen.
Toen maakte Marleen de uitslag bekend: 173 matches met een maatschappelijke waarde van € 143.697 euro.
Er was applaus.
Voor de vrijwilligers.
Voor de notaris.
Voor Marleen.
Voor iedereen.
Er viel een glas kapot.
De Beursvloer was nu officieel gesloten.
De voorzitter zei nog een keer dat ik toch echt een gedicht moest gaan schrijven over Samen voor Oosterhout.
Hij bestelde een rondje bier en wijn. En er waren hapjes.
De voorzitter verwachtte dat ze straks met alle vrijwilligers nog ergens gingen Chinezen of zo.
Ik kreeg er honger van.
©Eus
donderdag 1 december
Snurken
“Eus, kun jij snurken?” vroeg een juf terloops in de gang toen ik mijn dochter net naar haar klasje had gebracht.
“Volgens mijn vriendin wel”, zei ik.
De juf vertelde dat Sinterklaas vanmiddag op school was. Hij lag zogenaamd te slapen in een bed in de aula. Alle kinderen stonden buiten te wachten.
En of ik dan stiekem de snurkgeluiden wilde maken. Dat was het teken dat de kinderen naar binnen mochten.
Even later stond ik met een microfoon in mijn hand.
“Doe maar een keer of tien, da’s genoeg”, zei de juf.
Ze wenste me ook nog succes.
Ik snurkte. Zo hard als ik kon.
Een jongetje keek door het raam en riep: “Hé, daar staat iemand met een microfoon.”
Ik dook weg achter een pilaar. En ik snurkte nog een paar keer.
De meute kinderen op het schooplein zette zich in beweging.
Mijn taak zat er nu op.
Ik had er wel een droge keel van gekregen.
Ik liep nog even langs het bed van de sint. Hij was wakker en stak zijn duim omhoog.
©Eus
dinsdag 22 november
Oen
Alle kinderen van groep 1-2a van de Tilburgse bassischool zaten in een kring te wachten tot ik gratis leesboekjes ging uitdelen.
Mogelijk gemaakt door de Albert Heijn-winkel in de buurt, die was verbouwd én heropend. En om dat te vieren kregen dus zo’n 500 kinderen uit de wijk
een leesboekje van mij cadeau.
Ook deze klas met 20 leerlingen.
Ik schreef 20 kleuternamen in 20 leesboekjes (titel: Reus en dwerg) en riep de kinderen een voor een naar voren.
Sommigen zeiden: ‘Dankjewel.’
Anderen zeiden niets.
Eén meisje pakte het boekje aan en riep: “Dankjewel… OEN!”
Iedereen was stil.
Het meisje zat alweer op haar stoel.
“Deze meneer heet Eus”, zei de juf tegen de klas. “Geen oen.” Ze keek er best wel streng bij.
Ik knikte. Daar had de juf gelijk in.
Maar het meisje was niet erg onder de indruk.
Ze hield haar boekje stevig vast en lachte triomfantelijk.
©Eus

Stukjes